Een tijdreis naar 1783
Daar zitten ze dan in de hoge herenbank: Julius Mattijs van Beyma thoe
Kingma, met een gepoederd pruikje op zijn hoofd en zijn deftige echtgenote
Fokel Helena van Burmania. Onder haar wijde rokken heeft ze een stoofje
verstopt, om lekker warm te blijven. Ze zijn trots op ‘hun’
Reginakerk, die ze in 1783 bovenop de resten van de dertiende-eeuwse kerk
hebben gebouwd. Het kerkmeubilair heeft een mooie diepbruine glans en
het nieuwe orgel, gemaakt door Johan Friedrich Wenthin uit Emden, laat
een unieke klank horen.
De bewoners van Kingmastate, even ten zuiden van het dorp gelegen, voelen
zich in de kerk van Zweins één
met hun voorgeslacht. Onder de vloer in de grafkelder liggen hun dode
verwanten. De rouwborden aan de muren houden hun herinnering in ere. Ze
zouden ook trots zijn op de inwoners van Zweins. Wat heeft het dorp in
2004 een moeite gedaan, samen met sponsors, om het zeldzame orgel te restaureren!
En sinds de restauratie in 1980 is de kerk met zijn laat achttiende-eeuwsemeubilair
keurig bijgehouden. Maar was het nou nodig om tijdens de restauratie de
grafkelder te openen? peinzen Julius en Fokel. Wat dachten die twintigste-eeuwers
daar nu te vinden?
Moet je de doden niet gewoon maar laten rusten? Sommigen hebben het tijdens
hun leven al moeilijk genoeg gehad. Neem nu kolonel Ignatius van Kingma.
Zijn jonge vrouw Jaeycke van Vierssen stierf zwanger, 33 weken na de bruiloft.
Haar grafmonument aan de noordoostmuur verhaalt in een ontroerend gedichtje
hoe Jaeycke ‘als een jonge roos uyt ’t Hofjen afgepluckt’
werd.
Tijdens
de restauratie in 1980 is overigens een alleraardigste vondst gedaan.
Er zijn fragmenten ontdekt die uit de middeleeuwse kerk komen: gebeeldhouwde
fragmenten van een vijftiende-eeuws doopvont. Ook de luidklok in de toren
is oud. Hij dateert uit 1471 en is gegoten door Steven Butendiic. Bezoekers
die orgel kunnen spelen, mogen van de plaatselijke commissie best het
instrument uitproberen.
Tekst: Jelma Knol
|