Mijmeren bij de laatste monnik
Sijbrandahuis vormt een onderdeel van
het ‘Kloosterpad’, de nog steeds bestaande route uit 1453
tussen Dokkum en Drachten. Sommige delen van de route, zoals de Goddeloze
Singel (tussen Rinsumageest en Veenwouden) zijn zelfs nooit verhard. De
tocht leidt langs de boeiende kerken van
Rinsumageest en Burgum naar het eindpunt: het verdwenen klooster van Smalle
Ee.
De
kerk in Sijbrandahuis was een uithof van
het nabijgelegen klooster Klaarkamp.
De fundamenten van dit eerste cisterciënzer klooster in het Noorden
des lands, gesticht in 1163, zijn goed zichtbaar aan de zuidkant van de
Klaarkampsterweg.
De schiere monniken – zo werden de lekebroeders genoemd naar hun
grijze pij – dijkten grote stukken land in zodat nieuw, vruchtbaar
bouwland ontstond en ze wonnen turf.
Twee vitrines in de kerk met onder meer kloostermoppen en middeleeuwse
dakpannen houden de herinnering aan Klaarkamp in leven. Delen van een
menselijk skelet, opgegraven op het voormalige kloosterterrein, prijken
in de vitrine. ‘De lêste muonts’, (‘De laatste
monnik’), zegt hulpkosteres Joke de Vries. Een fragment van een
grote zwarte kogelpot getuigt van de tijd dat in dergelijke potten ongedoopte,
overleden zuigelingen in de niet gewijde grond vlak naast het kerkhof
werden begraven. ‘Die kinderen kwamen letterlijk in het verdomhoekje
terecht,’ merkt mevrouw De Vries op.
De kerk is nu bekend vanwege de vele, goed bezochte concerten van Friese
troubadours, folkgroepen, klassieke ensembles en seniorenorkesten.
Eens per jaar wordt er een kerkdienst in de Groninger taal gehouden, voor
Groningers uit de provincie Fryslân.
Tekst: Jelma Knol
|